EEN JAAR COLUMNS VOOR

HET SPOOR DER KAMPIOENEN

DoOR : MARTIN VAN ZON

 

EVALUATIE

 

Het is nu ongeveer een jaar geleden dat ik mijn eerste column voor het "Spoor" heb geschreven. En ik wil samen met de lezers van mijn columns wat van mijn ervaringen gedurende dat jaar delen. Een soort evaluatie column maken en vertellen aan de lezer hoe ik dit afgelopen jaar heb ervaren. Ik ben columnist geworden bij "Het Spoor" omdat ik van de duivensport houd. Iets waar je van houdt wil je niet kwijt en als je iets niet kwijt wilt en je ziet dat je het gaat verliezen dan moet je wat doen. Doe je niets en je raakt het kwijt dan zal je daar je hele leven wroeging en pijn van ondervinden. Ik probeer met mijn columns de vinger op de zere plek van de duivensport te leggen en mensen stof tot nadenken te geven. Dat kost mij heel veel tijd en energie. Ik word voor mijn tijd en energie niet betaald.

 

Het is dus de liefde voor de duivensport, die mij inspireert om te schrijven. Ik probeer steeds in mijn columns over een bepaald onderwerp te schrijven. Soms is een onderwerp te complex om in ruim 1000 woorden te vatten en dan moeten we er twee van maken. Dat is veel moeilijker dan zomaar wat onderwerpen over duiven en duivensport de revue te laten passeren. Ik kan heel veel moois vertellen over de duivensport en mijn mooiste en leukste columns liggen mijn inziens nog voor me. Alleen, ik vind dat je niet rustig met vrienden in de woonkamer kunt gaan zitten klaverjassen terwijl je keuken in brand staat. En onze duivensportkeuken staat in brand. De veel gebruikte slagzin "Ze bekijken het maar, het zal mijn tijd wel duren" is allang niet meer van toepassing op de duivensport.

 

VRIJE VAL

Een mooi voorbeeld zag ik verleden week nog in Zeist waar ik op bezoek was bij de club van mijn duivenvrienden Hans en Jenny Kramer. Deze duivenclub is een voorbeeld van de leegloop in de duivensport en bestaat nog uit een fragiel groepje oudere mannen en minder dan een handje vol leden van middelbare leeftijd. Dit is de realiteit anno 2012 en dat betekend dat als er niets verandert we over 10 jaar echt een gigantische vrije val gaan maken in ons ledenbestand. Ik heb kritiek op mensen die de duivensport gebruiken om hun zakken te vullen. Of zo gigantisch geobsedeerd zijn van winnen dat ze bij de modale liefhebber dezelfde frustraties veroorzaken. Maar ik realiseer mij heel goed dat zij alleen handig gebruik maken van het ontbreken van begrenzende spelregels. Zij maken gebruik van de ruimte die hun gegeven wordt. Maar door hun bedrijfsmatige aanpak en dan bedoel ik met heel veel duiven spelen en die dan ook nog eens dagelijks weg te laten brengen creëren ze ergernis. Het zorgt voor hele grote frustraties bij ieder gezond denkend mens die deze trend niet kan volgen en daardoor wekelijks al op achterstand wordt gezet voordat de duiven zijn gelost. Met gevolg dat veel vooral jonge liefhebbers de duivensport niet meer zien zitten of er mee stoppen.

 

POSITIEVE REACTIES

Ik heb in dit afgelopen jaar gelukkig heel veel positieve reacties gehad op mijn columns. En daar ben ik blij om en daar wil ik iedereen heel oprecht voor bedanken. Het stimuleert en bemoedigt mij om door te gaan. Ik heb heel weinig negatieve reacties gehad, deze zijn op een hand te tellen. Toch komen zulke reacties soms hard aan omdat ze vaak laag en onder de gordel zijn. En niets van doen hebben met de inhoud van de columns maar gewoon gelanceerd worden om te kwetsten. Dit moment is nu ook eens een mooie gelegenheid om hier eens op te reageren. Een grote Friese liefhebber met een  internetcolumn vond het nodig via zijn column zijn belangen (als grote liefhebber) te verdedigen. Hij deed dit met een of andere idiote parodie op een van mijn columns. Hij eindigde zijn column echter met een interessante uitspraak. De duivensport was in zijn ogen een volstrekt eerlijke sport want iedere duif heeft ten slotte twee vleugels en ze zitten allemaal in dezelfde auto dus wat zeurt die van Zon nou eigenlijk. Ik heb naar aanleiding van deze negatieve column eens op zijn website rond gekeken en wat las ik daar. Hij woonde op een dusdanige ongunstige plek in Friesland dat hij daar zelfs op dagfondvluchten nog nadeel van had. En daarom zijn toevlucht had gezocht in het grote fondspel. Commentaar overbodig zou ik zo zeggen. In een andere column schreef hij ook de meest belachelijke idioterie om het nachtvliegen te verdedigen. Hij schreef zelfs zoiets van "dat mijn lezers wel een heel lage IQ moesten hebben”. Ook hier eindigde hij met een interessante stelling. Volgens hem kunnen duiven heel goed midden in de nacht vliegen want ganzen vliegen ook in de nacht en die verongelukken ten slotte ook niet massaal.

 

Commentaar overbodig zou ik zeggen. Ook kom ik mijn naam regelmatig tegen in de rubriek "Mensen en duiven" van het Belgische duivenblad "De Duif". Ad Schaerlaeckens geeft in deze rubriek zijn mening over de duivensport. Ik lees regelmatig positief commentaar van Ad op mijn columns en daar wil ik hem voor bedanken. Ik vind het echter jammer dat Ad een paar keer commentaar leverde op sommige kleine feitelijk onjuistheden in mijn columns. Ik ben geen onderzoeksjournalist en heb absoluut geen tijd om een artikel dat ik 4 jaar terug heb gelezen en waar ik iets uit wil gebruiken weer op te moeten gaan zoeken. Belangrijke informatie na het lezen van een artikel dat onthoud ik. Maar of Pietje iets nu tegen Arie zei of andersom vind ik niet echt belangrijk. Het gaat mijn inziens om de geest van een verhaal en niet om een mijn inziens onbelangrijk detail. Ad schreef ook eens dat ik te lang op Willem de Bruyn in mijn columns commentaar bleef leveren. En dat we zulke liefhebbers ook moesten respecteren.

 

VERONTWAARDIGING

Dat zal ik proberen uit te leggen. Ik heb al jaren een gevoel van verontwaardiging omdat wij binnen de kaders van de huidige spelregels van de duivensport mannen zoals de Bruyn, Eyerkamp, Verkerk, Koopman en nog enkele anderen hun manier van sport laten bedrijven. Ik vind het een slechte en oneerlijke kant van de huidige Nederlandse duivensport. Het veroorzaakt bij mij een gevoel van onbehagen en frustratie. Ik denk dat Ad ook een dergelijk gevoel heeft overgehouden aan de rampvlucht Pithiviers in 2007. De rampvlucht waarop hij bijna al zijn topduiven verspeelde. Ik kan mij namelijk heel goed voorstellen dat Ad, als hij hier aan terug denkt, ook een gevoel van onbehagen en frustratie voelt. Keer op keer (en misschien wel iets teveel) komt hij in zijn pennenvruchten namelijk terug op deze voor hem desastreuze rampvlucht. Waar het hart vol van is loopt de mond van over. Zo is het ook met mij, niet meer en niet minder. Mijn toekomstdroom is een gezonde en vooral eerlijke duivensport waar rijk en arm, jong en oud plezier aan kunnen beleven. Dat is nog steeds mogelijk alleen dan zullen er bestuurlijk gezien mannen met "ballen" op het toneel moeten verschijnen. Mannen die hun nek durven uit te steken en niet bang zijn om heilige huisjes om te gooien. Ik zal  proberen belangeloos mijn bijdragen via mijn columns en landelijke forums te blijven leveren. We moeten er samen tegenaan als we nog een klein beetje geloven in de toekomst van onze (eens zo prachtige) duivensport in Nederland.

 

Martin van Zon

Martinvanzonhetspoor@hotmail.nl