IS EERLIJK VITESSE-SPEL IN WAT GROTER VERBAND

NOG WEL MOGELIJK

 

DOOR : MARTIN VAN ZON

 

VERANDERINGEN

De laatste jaren heeft de duivensport behoorlijk wat verandering ondergaan. Eén van deze veranderingen is de komst van het elektronisch constateersysteem. Wat mij betreft  een geweldige uitvinding en een hele verbetering voor duif en liefhebber. Duiven worden niet meer gefrustreerd door een zenuwachtige baas die de duiven elke keer weer moet zien te pakken. Maar ook voor iedere duivenliefhebber is het een verademing om zijn eigen duiven uit de lucht te kunnen zien vallen.

 

Vroeger kon je tijdens progamma vluchten de eerste duif nog Wel aan zien komen, maar daarna kwam je vaak het hok niet meer uit. Maar door dit razendsnelle elektronische systeem kun je nu op de wat kortere afstanden ook gigantische verschillen krijgen. Als een grotere liefhebber veel duiven mee geeft en deze komen met 40 of 50 tegelijk aan, wat regelmatig gebeurd, dan krijgen we toch wel hele extreme uitslagen. Als ik naar de uitslagen in groot verband op de korte afstanden kijk, dan zie ik dat er soms echt veel te grote verschillen zijn tussen sommige samenspelen.

 

In één van mijn eerdere columns heb ik ooit eens wat geschreven over wat de opstelling van een duivenauto voor invloed heeft op een korte vlucht. Duiven die, met halve deuren open, de zon al kunnen zien, zijn in het voordeel ten opzichte van de duiven die in de   schaduwkant van de auto zitten. Ik geloof dat daar door de vervoerders ook rekening mee wordt gehouden. Maar ik denk ook dat het in de praktijk toch echt niet altijd te voorkomen is dat duiven soms aan de zonnekant in de auto zitten.

 

WEGBRENGEN VAN DE DUIVEN

Een andere nieuwe ontwikkeling in de duivensport is het veelvuldig wegbrengen van de  duiven. Op de nalijn zijn er zelfs kampioenen die hun duiven twee keer daags  wegbrengen. En een Belgische vitessespeler vertelde laatst op een forumavond dat hij zijn duiven wel vijf keer op een dag wegbrengt! Deze man behoort tot de top van België,  dus het blijkt nog te werken ook. De combinatie van het met veel duiven spelen, de  duiven heel vaak wegbrengen en het elektronisch constateren zorgt ervoor dat er letterlijk geen seconde meer verspeeld kan worden.

 

Ik bedoel dan niet het verspelen van tijd tijdens de aankomst van de duiven. Nee, het gaat mij over wat er verspeeld wordt buiten het zichtveld van de liefhebber. We zullen één van deze valkuilen eens nader bekijken. De snelheid van de duiven worden berekend door het tijdstip van lossing, de constateertijd en de afstand. Een duif die dus bijvoorbeeld om 8 uur wordt gelost en om 9 uur arriveert over een afstand van 60 km heeft dus 60 km per uur gevlogen.

 

Maar klopt dit ook? Heeft deze duif echt 60 km per uur gevlogen. Nee, dat heeft hij niet, de duif is namelijk niet met 60 km per uur gestart. Ook al draait de duif geen rondje bij de lossing, de duif start vanuit stilstand. De tijd die de duif nodig heeft om op snelheid te komen is allemaal in het voordeel van de liefhebbers in de achtervlucht. En vaak  maakt de duif nog een rondje of soms twee, ook dat is weer in het voordeel van de achtervlucht. Ons rekensysteem klopt dus voor geen meter en zal op de wat kortere afstanden, waar geen seconde meer verspeeld mag worden, grote voordelen opleveren voor de liefhebbers in de achtervlucht. In feite zouden we de duiven 5 minuten eerder moeten lossen dan dat we berekenen. Als we de duiven om 5 voor 8 zouden lossen en toch 8 uur zouden aanhouden als lostijd dan is het voordeel voor de achter / overvlucht pas weg. We zouden dan een soort vliegende start maken. De duiven liggen namelijk pas na ongeveer 5 minuten vliegen op de werkelijke snelheid waarmee ze naar huis toe  vliegen.

 

MISLEIDING

Ook het lossen zoals ik vaak gezien heb in de films van Cees Donker met halve deuren geeft te denken wat betreft de vitessevluchten. Er zit vaak een vast patroon in het laden van de vrachtauto's, dat betekent dat dezelfde duiven, met het halve deurensysteem, dus vaak het eerst gelost worden. Toen ik op zo'n filmavond zag hoe dit in zijn werk ging was ik stomverbaasd. Wat een tijdverschil in lossing! Ik troostte mijzelf met de gedachte dat de duiven die vele seconden later gelost werden de eerder geloste duiven wel weer in zouden halen. Maar dat zit er tegenwoordig niet meer in! De super geconditioneerde,  bijna dagelijks afgerichte duiven, sprinten bij goed weer in één streep naar huis toe en zijn door de later geloste duiven vaak niet meer in te halen. Daarom denk ik dat  vitessevluchten in groter verband niet meer echt eerlijk zijn.

 

De laatste wedvlucht dit jaar van Afdeling 5 wil ik eens als voorbeeld laten zien. Dit was een nalijn/vitessevlucht vanuit Peronne, een al toch wat verdere vitessevlucht van ongeveer 250 km. Daar zou door de afstand de invloed toch wat minder moeten zijn van de door mij beschreven factoren. De duiven werden gelost met werkelijk prachtig windstil nazomerweer. Er stonden bijna 20.000 duiven in concours verdeeld over 2 rayons. Rayon West en Oost. De duiven werden tegelijk gelost om kwart over negen. Dit zou toch een prachtige eerlijke vlucht moeten worden.

 

Ditmaal was het de kortste afstand die de hele boel op een hoop speelde. Misschien door een betere opstelling of door een toch iets aanwakkerende wind, we zullen het wel nooit weten. Piet van Zon vloog dat weekend de 1e in de kring "Gouwe en lJssel" dat is de kring waar in ook Verkerk en de Bruijn spelen. Maar Piet moest maar liefs 41 duiven van de kring Dordrecht voor laten gaan. Maar Piet zijn duif daarin tegen vloog maar liefs 25 meter vooruit op de 1e prijs in rayon West. Dan zijn er ondertussen veel meer dan 100 duiven in rayon Oost. De winnaar in rayon West was Klaas van Dorp uit Rotterdam en Piet van Zon woont in Krimpen a/d IJssel en dat ligt toch echt vlak bij elkaar. Ze vliegen beide bijna dezelfde afstand.

 

ONDER DE TAFEL GESPEELD

Dat houdt in dat Klaas van Dorp die de 1e wint van bijna 10.000 duiven helemaal onder de tafel wordt gevlogen door rayon Oost. Peter van de Merwe heeft er dan al bijna 50 geconstateerd en ook zijn dochtertje Gwen een jeugd lid heeft er al 12 van de 30 in de klok voordat Klaas v Dorp zijn duif, winnaar dus van 10.000 duiven, constateert. Een ieder mag denken wat hij  wil maar ik geloof dat dit een bewijs is dat hier iets niet klopt.

 

Realiseren we ons wel dat afdelingsvluchten met de jonge duiven op praktisch dezelfde  afstanden worden gespeeld? Als een vlucht van 250 km. Onder ideale omstandigheden gelost al zulke verschillen oplevert hoe zit het dan met de rest? Wat stelt een Afdeling 5 midfond kampioenschap eigenlijk nog voor? We hebben voor dit midfond kampioenschap in 2012 6 vluchten gevlogen met een gemiddelde afstand per vlucht van nog geen 300km.

 

DENKT HIER IEMAND OVER NA?

Denkt hier iemand over na? Alles zo snel mogelijk tegelijk los is het devies, er staan dan soms 40.000 duiven op een losplaats opgesteld. Leuk misschien voor de vervoerders, die zijn snel klaar, en zeker leuk voor diegene die er garen bij spinnen, maar of dit nog eerlijke duivensport is mag U na deze column gelezen te hebben zelf bepalen!

 

Martin van Zon

Martinvanzonhetspoor@hotmail.nl