INVERSIE UITGEBREID 2

 

DOOR : STEVEN VAN BREEMEN

 

 

 

SCHEMATISCHE WEERGAVE VAN LUCHTLAGEN. DE GRENZEN ZIJN DE INVERSIES

 

HOGE INVERSIE

De ene is dus zoals gezegd: de hoge inversie.

De hoge inversie veroorzaakt een gigantische opwaartse stroming tot hoog in de bovenste regionen van de atmosfeer. Dit lijkt een sterk verhaal, doch het wordt mogelijk gemaakt doordat de hoge inversie eigenlijk een heel stabiele, statische situatie is.

Deze situatie is de verticale opwaartse beweging mogelijk. Deze inversie "soort" veroorzaakt, zoals gezegd, een enorme opwaartse stroming waarin wolken, zuurstof, vochtigheid en infra-rood van het aardoppervlak "mee omhoog worden gezogen" tot in de bovenste atmosferische lagen. En hoe gek het ook klinkt:

 

Postduiven voelen zich enorm aangetrokken tot het fenomeen hoge inversie!

De reden hiervoor is dat het natuurlijk element benodigd voor het orientatievermogen mee omhoog wordt "gezogen" door de hoge inversie. Hoe hoger een duif nu gaat vliegen, hoe meer hij van het voor hem broodnodige element tegenkomt en zodoende als

maar hoger en hoger gaat vliegen. Over de uiterst rampzalige gevolgen ten gevolge van een hoge inversie later meer.

 

De condities om een hoge inversie te laten ontstaan zijn:

 

-Een heldere nacht;

-Een middagtemperatuur van boven de 25 graden Celsius;

-Een groot verschil tussen dag- en nacht temperatuur;

-Een heldere blauwe lucht;

-Geen wolken;

-Geen wind;

(Bijna altijd treedt tegelijkertijd doodse stilte in de natuur op.)

 

Een heldere voorafgaande nacht met veel afkoeling/uitstraling veroorzaakt op de eerste plaats een grondmist/inversie, die veelal rond 9.00 (zomertijd) uur is opgelost door de opwarming van de zon, die de thermiek op gang brengt. Vanaf dat moment wordt het in het algemeen veilig geacht om postduiven te lossen. Echter voor een hoge inversie gaat dit niet op. Deze is dan nog steeds, zij het plaatselijk dan wel groot regionaal, aanwezig en wordt naar het midden van de dag toe steeds sterker. Het weersfenomeen hoge inversie is de hoofdschuldige van de reeks onverklaarbare verliezen in de geschiedenis van de postduivensport. Wanneer en hoe? Alleen als de duiven onderweg naar huis  dwars door een hoge inversie heen moeten. Nu begrijpt u mogelijk waarom twee vluchten van ongeveer dezelfde afstand, alleen in de breedte uit elkaar liggend, een onverklaarbaar verschillend verloop kunnen hebben. De een rampzalig. De ander  onwaarschijnlijk vlot. En er is helaas (nog) niemand die precies weet wanneer en waar een hoge inversie zich zal openbaren.

 

Duivenliefhebbers zijn bijna allemaal wel eens getuige geweest wat het fenomeen hoge inversie voor duiven kan betekenen. Het is net alsof vluchtduiven tegen een onzichtbare muur aan vliegen tijdens de meest optimale omstandigheden voor een wedvlucht. In zo' n geval wijken duiven hevig geschrokken terug of proberen er over heen of er langs te vliegen. Na enkele minuten proberen zij die terug weken het opnieuw en gebeurt weer hetzelfde. Als het jonge duiven betreft is het vervolg vaak rampzalig. Oude duiven, mits goed getraind, goed gezond en goed gemotiveerd, slagen er meestal wel in een hoge inversie, uit eerder opgedane ervaring, te omzeilen of om er dwars doorheen te vliegen.